|
|
| Column Karl Vannieuwkerke: Open briefje aan Stijn Devolder |
|
Je Belgische driekleur schittert niet. Jammer. Gisteren las ik in een andere krant een interview van collega Joeri D.K. met je. Mooi gesprek. Misschien dat een radicale eindredacteur de drang voelt om deze passage te schrappen. Ik zou het spijtig vinden. Een blijk van waardering staat los van commerciële belangen. De babbel was indringend. Collega Joeri (een opperbeste kerel overigens) verloor een paar weken geleden zijn moeder, terwijl jij treurt om het verlies van alweer een vriend. Emoties delen. Het loutert. Het interview deed me goed. Ik hoop jullie ook. En ik begrijp je als je momenteel alles plat relativeert, Stijn. Ik doe het ook. Een fiets en fietsende atleten interesseren me amper. Ik heb de voorbije twee weken nauwelijks naar de Giro gekeken, slechts sporadisch een stukje Ronde van België meegepikt. Een tegenslag binnen de familie en de dood van Wouter hebben me doen beslissen om de Giro vroegtijdig te verlaten. Niets lijkt nog echt belangrijk. Dicht bij mijn vrouw en kinderen zijn en rust zoeken op een golfbaan. Dat is het momenteel. Een traan bij een birdie van mijn 7-jarige zoon J., een krop in de keel voor een grap van mijn 6-jarige dochter M., slikken bij het lezen van een interview met jou. Alles lijkt plots een andere dimensie te hebben dan twee weken geleden. Stijn, jij hebt Wouter veel beter gekend. Je hebt de kamer gedeeld. Jullie vrouwen werden vriendinnen. Mijn relatie met Wouter beperkt zich tot een handvol gesprekken voor een wedstrijd of in een talkshow. In 2002 was hij junior bij het MEZ-team, de ploeg waarvoor ik dat jaar bij de elite zonder contract reed. Af en toe ging ik bij een junioreswedstrijd mee in de volgwagen van Rik De Voogdt: Weylandt, Roelandts, Meersman, De Backer, Ingels… Ze waren de trots van de voorzitter. Je hebt nog weinig zin om op je fiets te stappen, je vindt geen nieuwe doelen. Alle begrip daarvoor. Neem je tijd, maar we moeten wel verder, Stijn. Dat heeft dat interview met je in de krant me doen beseffen. Waarvoor dank. Ik was gisteren in de Vlaamse Ardennen en heb me gedwongen om een café te zoeken om naar de koers te kijken. Zo ben ik (met dank aan twitteraar @AlfaJaak) in café Central, een supporterslokaal van Tom Boonen, in Oosterzele beland en aan deze brief begonnen. ‘We missen eigenlijk maar één man in de kopgroep’, zei de patron op een bepaald ogenblik. ‘Tom?’, probeerde ik. ‘Nee, Stijn’, antwoordde hij. Een half uur later stond het haar recht op mijn armen bij de aankomst van Philippe Gilbert. Dat moet jij zeker ook nog kunnen, Stijn. Trek je de kritieken niet aan. Kop op en…Vive le vélo! Karl |
| Laatst aangepast ( maandag 30 mei 2011 19:05 ) |


Beste Stijn,

